Financieel Management

Belastingplan en Startups: Is dit alles?

Bij het doorspitten van het nieuwe Belastingplan op zoek naar de gevolgen voor het startup klimaat in Nederland, klinkt een nummer van Doe Maar steeds luider in onze oren: Is Dit Alles?

Laten we voorop stellen dat het fiscale klimaat van dit jaar voor startups, hun founders en investeerders in Nederland niet zwaar ondermaats is. Dat zou niet fair zijn. Er zijn fiscale stimuleringsmaatregelen voor R&D (de innovatiebox en WBSO), er is een 30%-procent regeling voor buitenlands talent, er bestaan enkele nuttige doorschuifmogelijkheden en we hebben een doorgaans coöperatieve fiscus.

Maar het Nederlandse fiscale klimaat voor startups houdt ook zeker niet over qua aantrekkelijkheid. En op sommige punten kan ons belastingstelsel voor jonge bedrijven wel iets minder als een administratief mijnenveld worden ingericht.

Dus met een regering die rept over ‘innoveren’ en ‘investeren in nieuwe mogelijkheden’, en met een Miljoenennota die volstaat met het woord ‘innovatie’, zou men verwachten dat er op fiscaal gebied voor startups heel wat in het vat zou zitten.

En warempel. Het Belastingplan voor volgend jaar bevat zelfs speciaal een hoofdstuk ‘Stimulering startups’. Maar wat blijkt, schijn bedriegt. Van stimuleren is amper sprake.

Maar wat zijn dan wél veranderingen die voor startups relevant zijn uit het Belastingplan van volgend jaar? Eigenlijk zijn er maar drie die in het oog springen:

  1. Verlenging eerste tariefschijf van de vennootschapsbelasting

Nog niet komend jaar, maar het jaar erna wordt de eerste schijf voor de vennootschapsbelasting (de 20% schijf) opgerekt van EUR 200.000 tot EUR 250.000 oplopend tot EUR 350.000 in 2021. Dit betekent voor bedrijven die meer dan EUR 350.000 winst maken een voordeel van EUR 7.500. Niet bepaald schokkend, maar een leuk voordeel voor winstgevende MKB bedrijven en startups die door de investeringsperiode heen zijn en dus ook winst maken.

Over het algemeen is het echter zo dat startups in de eerste (soms zelfs vele) jaren overigens niet of nauwelijks winst maken. Ze investeren alles weer direct in hun onderneming om de groei- en overlevingskans zo groot mogelijk te maken.

Onze inschatting is dat niet veel startups in de eerste jaren een voordeel zullen hebben van deze wijziging.

  1. In of out de innovatiebox?

Zodra een innoverende startup winst gaat maken, wordt de regeling van de innovatiebox interessant. Een regeling waarmee winsten, behaald met een zelf ontwikkeld immaterieel activum (IP), worden belast tegen slechts 5% vennootschapsbelasting (in plaats van 20-25%).

De regels rondom de innovatiebox worden vanaf volgend jaar onder internationale druk opnieuw aangepast, waarbij vooral het voorkomen van misbruik in internationale situaties het doel is. Hierbij worden de toegangsmogelijkheden tot de innovatiebox voor met name grote bedrijven beperkt. Gelukkig wordt hier dus rekening gehouden met jonge innovatieve bedrijven.

Pas wanneer omzet met kwalificerend IP boven de EUR 250 miljoen komt in 5 jaar of innovatie voordelen boven de EUR 37.5 miljoen in 5 jaar, gelden de nieuwe verzwaarde regels voor het kunnen toepassen van de innovatiebox.

Wat wijzigt er dan wel voor startups? Als toegangsticket voor de innovatiebox gold vooralsnog dat gebruik gemaakt moest worden van de WBSO óf dat er een octrooi (of vergelijkbaar) recht was verkregen. De WBSO wordt nu voor elke kleinere onderneming hét toegangsticket: met alleen een octrooi kom je in de toekomst de box niet meer binnen.

Naar onze mening blijft de innovatiebox ondanks de wijzigingen een graag geziene gast in startup land. Maar vergeet dus vooral niet het (WBSO) ticket te regelen!

  1. Versoepeling gebruikelijkloonregeling (dga-salaris)

Niet geheel als verrassing komt als stimulerende maatregel voor de startups een versoepeling van de gebruikelijkloonregeling naar voren in het Belastingplan. Deze versoepeling was namelijk al in mei van dit jaar met veel tromgeroffel aangekondigd.

De versoepeling houdt in dat het verplichte dga-salaris voor innovatieve startups in de eerste jaren niet gesteld hoeft te worden op het hoogste van de volgende bedragen:

  • 75% van het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking;
  • het hoogste loon van de werknemers in dienst van hetzelfde bedrijf of met het bedrijf verbonden bedrijven;
  • € 44.000.

Daarentegen mag vanaf volgend jaar het dga-salaris worden gesteld op het wettelijk minimum loon, mits de startup gebruik maakt van de WBSO regeling en onder die regeling nog aangemerkt wordt als ‘starter’ (in de praktijk komt dit neer op 3 jaar).

Ook hier komt nadrukkelijk de koppeling met de WBSO regeling terug. Die wordt dus voor startups nóg belangrijker.

Al met al voor de praktijk zeker een gewenste versoepeling van de administratieve gang van zaken. Maar laten we het niet meer maken dan het is. De begrote inkomstenderving van maar liefst 29 miljoen euro lijkt ons dan ook wel wat buiten proportie. Veel startups weten namelijk met de fiscus af te spreken dat in de opstartfase een dga-salaris van EUR 44.000 per founder niet realistisch is.

Veel meer belangrijke wijzigingen zitten er voor startups dit jaar niet in het vat.

Helaas; Dit Is (echt) Alles.

[alert type=”info” title=”Leestip: Utrecht Business Finance helpt ondernemers succesvol aan een bedrijfsfinanciering “] Lees het artikel

Auteur: Erik de Heer,  heeft een passie voor startups, nieuwe producten en nieuwe technologieën. Helpt graag het potentieel van snel groeiende bedrijven te optimaliseren en tracht het Amsterdamse startupklimaat naar een hoger niveau te tillen. Momenteel Senior Tax Manager at EY.

Tags

Over de auteur

Michiel Noij

De redactie wordt verzorgd door Michiel Noij en Nomair van Wijk.

Heeft u inhoudelijke vragen en/of zoekt u ondersteuning bij een organisatievraagstuk?
Neem dan gerust contact met ons op. Een team van adviseurs staat u voor u klaar. U kunt contact opnemen met Michiel Noij en/of Nomair van Wijk via 030-2270497 (optie 6) en/of contact [at] ubsbusiness.nl

Laat een reactie achter

Klik hier om een reactie achter te laten